Wat zegt jouw poep over je gezondheid? (En kan die van iemand anders je beter maken?)

9 uren geleden 1

Kijk jij weleens achterom na een toiletbezoek? Je ontlasting kan namelijk verrassend veel vertellen over je gezondheid. Maar hoe werkt dat precies? En wat is normaal?

In deze video van de Universiteit van Nederland legt neurowetenschapper Sophie van Zonneveld (Rijksuniversiteit Groningen/UMCG) uit hoe je je eigen poep kunt checken. Wat betekent het bijvoorbeeld als je ontlasting groen is? Hoe vaak is poepen eigenlijk gezond? En misschien nog wel de meest opvallende vraag: kan de poep van iemand anders je gezonder maken?

In de video hieronder geeft ze antwoord op deze en andere ‘shitty’ vragen.

Scientias: Superleuke video! Er kwamen ook flink wat vragen binnen in de reacties. Zo vroeg een kijker zich af: als koffie ervoor zorgt dat je sneller moet poepen, neem je dan ook minder voedingsstoffen op? En moet je dan eigenlijk meer eten om dat te compenseren?

Sophie van Zonneveld: “Dat is een leuke vraag, maar gelukkig valt dat mee. Koffie kan de darmbeweging in het algemeen stimuleren, maar het effect dat je voelt, komt door de werking op je endeldarm . Het geeft als het ware een soort ‘boostsignaal’ , waardoor je aandrang krijgt.

Maar op dat moment zijn de meeste voedingsstoffen al opgenomen. Dat gebeurt namelijk eerder in het proces, vooral in de dunne darm. De dikke darm is daarna bezig met vocht onttrekken en de ontlasting indikken. Dus nee, je hoeft niet bang te zijn dat je door koffie ineens veel minder voedingsstoffen binnenkrijgt. Dat effect is echt verwaarloosbaar.”

Je legt in de video uit dat een normale stoelgang ergens ligt tussen drie keer per dag en drie keer per week. Maar is vaker binnen die bandbreedte ook beter, bijvoorbeeld twee keer per dag in plaats van eens in de twee dagen?

“Niet per se. Wat belangrijker is, is de consistentie van je ontlasting. Je kunt bijvoorbeeld twee keer per dag gaan, maar als dat heel dun is, is dat minder gezond dan iemand die drie keer per week gaat en normale ontlasting heeft.

Ook hoe makkelijk het gaat, speelt mee. Moet je heel erg persen, dan is dat bijvoorbeeld geen goed teken. Frequentie zegt op zichzelf dus eigenlijk weinig zonder de context van consistentie en het gemak van de ontlasting. Maar als je patroon ineens verandert, bijvoorbeeld veel vaker of minder vaak, kan dat natuurlijk wel wat betekenen.”

Een andere kijker vroeg zich af hoe goed je darmmicrobioom eigenlijk herstelt na antibiotica. En welke rol spelen probiotica daarbij?

“Dat verschilt best wel per persoon. Na een antibioticakuur kan het weken tot soms maanden duren voordat je microbioom weer hersteld is. Soms worden probiotica aangeraden tijdens zo’n kuur, als extra ondersteuning voor je darmen en ter vermindering van diarree. Tegelijkertijd is het ook ingewikkeld, omdat antibiotica die bacteriën deels ook  kunnen afbreken, afhankelijk van het type antibioticum en wanneer je ze inneemt.

Sommige bacteriën in probiotica, zoals lactobacillen en bifidobacteriën, kunnen de zure omgeving van de maag wel overleven. Ook het type capsule speelt daarbij een rol.

Maar het idee dat je één ‘goede’ bacterie toevoegt en dat alles weer in balans is, klopt niet helemaal. Je darmmicrobioom is een complex netwerk van bacteriën die samenwerken. Wat mogelijk helpt, is de combinatie met prebiotica: vezels waar die bacteriën van leven. Daarmee ondersteun je het systeem als geheel. Maar het is geen wondermiddel, en we weten nog niet precies wat voor wie het beste werkt. Het belangrijkste is een een gezond vezelrijk voedingspatroon.”

Tot slot waren er veel reacties op de poeptransplantaties die je in de video noemt. Hoe effectief zijn die eigenlijk?

“Voor sommige aandoeningen, zoals bijvoorbeeld een terugkerende infectie met Clostridium difficile, is het inmiddels een erkende behandeling. Dat is een ernstige darminfectie waarbij mensen chronische diarree hebben. Daar zien we succespercentages van 80 tot 90 procent.

Maar voor andere aandoeningen, zoals depressie of Parkinson, wordt het nog onderzocht. Er zitten ook risico’s aan. Donormateriaal moet heel goed gecontroleerd worden, omdat je anders ook ongewenste bacteriën kunt overdragen. En hoewel er nu ook capsules bestaan, weten we nog niet alles over hoe veilig en effectief die zijn. Het is dus nog geen standaardbehandeling.”

Schrijf je in voor de nieuwsbrief! Ook elke dag vers het laatste wetenschapsnieuws in je inbox? Of elke week? Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief!

Lees het hele artikel