Korte klap en ieder voor zich: uit angst voor protesten kiezen EU-landen in energiecrisis voor makkelijke maatregelen

2 uren geleden 1

Verhoog het minimumloon, vragen de vakbonden. Verláág de energiebelasting, smeken de energiebedrijven. Werkgeversorganisatie VNO-NCW verzoekt: regel uitstel van belastingbetaling voor zwaargetroffen sectoren. En haast elke expert die de afgelopen twee weken in de Tweede Kamer langskwam, zei: versnel met isoleren en het onafhankelijk worden van fossiele energie.

Nu de impact van de hoge energieprijzen voelbaar wordt, zwelt de maatschappelijke roep om steunmaatregelen aan. Deze week stelde het Centraal Planbureau (CPB) vast dat de inflatie oploopt en de economische groei afneemt, al lijkt de situatie nog niet zo ernstig te worden als bij de energiecrisis in 2022. Steun alleen burgers die het écht nodig hebben en stem plannen Europees af, maande het CPB.

Lees ook

Het is slim om de brandstofaccijnzen niet te verlagen, concludeert het CPB. Maar samenwerking met andere landen is dan wel cruciaal

Een winkel van Albert Heijn. Door gestegen energieprijzen worden veel producten duurder.

Maar gebeurt dat ook? Na onder meer Duitsland, Italië, Spanje, Frankrijk en Ierland werden deze week ook de contouren van de Nederlandse plannen duidelijk. De eerste indruk van de Europese plannen is: het is vooral de korte klap en ieder voor zich. Het doet denken aan de crisisreactie van 2022.

Politieke druk

Het Nederlandse kabinet lijkt relatief zuinig te willen zijn en kiest voor maatregelen die de hogere brandstofkosten voor autogebruikers wat dempen, bleek uit uitgelekte maatregelen deze week. Zo wordt de motorrijtuigenbelasting van bedrijfsauto’s verlaagd en is een hogere belastingvrije kilometervergoeding voorgesteld. Dat geldt voor iedereen voor wie zo’n vergoeding in een cao is vastgesteld. Ook wordt geld gestort in een fonds voor kwetsbare huishoudens.

De meeste Europese landen nemen crisismaatregelen die gelden voor de gehele bevolking. „Overheden willen directe verlichting bieden voor de energieprijzen”, ziet Alice Moscovici van de Franse denktank Jacques Delors. Zij onderzocht de maatregelen die de EU-landen tot 7 april namen.

Wat ze constateerde: in zes weken kondigden 22 landen meer dan 9 miljard euro aan zeker 120 maatregelen aan. Daar zijn Duitsland en Ierland sindsdien bij gekomen (2 miljard euro). Uit het onderzoek blijkt dat vijftien lidstaten kiezen voor het verlagen van accijnzen of btw op fossiele brandstof, negen landen stellen vormen van maximumprijzen voor brandstoffen voor. Tegelijkertijd besloten elf landen tot gerichtere steun voor lagere inkomens.

Politieke en maatschappelijke druk speelt een rol, zegt Moscovici. Die is in sommige landen enorm: in Ierland versperden boeren en vrachtwagenchauffeurs de toegang tot brandstofdepots, waardoor benzinestations leeg dreigden te raken. De Ierse regering presenteerde daarna een steunpakket, waarin ook een accijnsverlaging was opgenomen.

Lees ook

In Ierland is een energiecrisis afgewend. Er komt extra steun en ‘illegale blokkades’ zijn ontmanteld

Tractoren blokkeerden O'Connell Street zaterdag in Dublin als onderdeel van een landelijk protest in Ierland tegen hoge brandstofprijzen.

Het wordt voor regeringen lastig om op zulke steunmaatregelen terug te komen, denkt ze. „Landen die hebben gekozen voor tijdelijke maatregelen zullen de komende maanden erachter komen dat het politiek ingewikkeld is om die terug te draaien zolang de prijzen hoog blijven.”

Gele hesjes

Angst voor maatschappelijke onrust is, juist bij zo’n crisis die mensen snel voelen in hun portemonnee, reëel, zegt Tijn Croon. Hij promoveert aan de TU Delft en onderzoekt onder meer patronen in beleidsreacties op energiecrises. Ook werkt hij voor de Europese Commissie. Hogere prijzen aan de pomp liggen altijd gevoelig, zegt hij. De gele hesjes-protesten in 2018 bijvoorbeeld begonnen na een verhoging van de Franse brandstofaccijns.

„Maatregelen die snel merkbaar zijn voor veel mensen, denk aan het verlagen van de brandstofaccijns, zijn dan aantrekkelijk”, zegt de onderzoeker. „Je laat als overheid zien: je neemt zorgen serieus.” Isolatiesubsidies aankondigen heeft meer structurele impact, maar werkt minder snel door in de portemonnee, aldus Croon.

En dus nemen landen maatregelen om de prijs direct te dempen. Dat verandert alleen niks aan de mondiale schaarste van olie en gas die is ontstaan door de sluiting van de straat van Hormuz. Zelfs als schepen daar snel weer door kunnen varen, is die schaarste niet direct opgelost. Vooralsnog leggen de meeste Europese landen de oproep van het Internationaal Energieagentschap (IEA), om energiebesparing te stimuleren, naast zich neer.

Overheden zouden burgers moeten vragen thuis te werken, of meer met het ov te reizen, had het agentschap geadviseerd. „Burgers vragen iets te láten is niet populair”, zegt Moscovici. Voor niet-Europese landen, vooral in Azië, die sterk afhankelijk zijn van energie uit de Golfregio, is rantsoeneren al bittere noodzaak.

Fossiele energie

Wie kijkt naar de steunmaatregelen van Europese landen ziet dat landen die erg afhankelijk zijn van fossiele energie, snel en veel compensatie aankondigen. Zo koos Polen ervoor om de btw en accijnzen op brandstof te verlagen. Dat kost de overheid 370 miljoen euro per máánd. Ook Italië springt eruit met forse verlagingen van de benzine- en dieselprijzen.

Italië voelt de schokgolven van het conflict in het Midden-Oosten sterk, zegt Moscovici. Italië haalt een derde van al zijn lng-import uit Qatar. De gasprijzen zijn daarnaast erg bepalend voor de elektriciteitsprijzen in het land.

Ze wijst er ook op dat premier Giorgia Meloni onlangs politiek verzwakt is geraakt door een nederlaag in een referendum over het hervormen van de rechterlijke macht. Met het nemen van energiemaatregelen kan zij weer leiderschap tonen.

Het grootste steunpakket is te vinden in Spanje. Opvallend genoeg investeerde Spanje de afgelopen jaren juist fors in duurzame energie. Toch speelt het land nu maar liefst 5 miljard euro vrij voor energiemaatregelen. Met dat steunpakket maakt Spanje fossiele energie goedkoper en stimuleert het elektrificatie. Belastingen op brandstoffen gaan omlaag, maar ook die op zonnepanelen en elektrische auto’s.

Ondanks de opmars van duurzame energie rijden in Spanje nog maar weinig elektrische auto’s rond, zegt Tijn Croon. „Daarom voelen de Spanjaarden de crisis.” Daarnaast, vertelt Moscovici, leidt de Spaanse premier Pedro Sánchez een „fragiele minderheidscoalitie”. Het parlement zet de regering, in aanloop naar de verkiezingen volgend jaar, onder druk. „De linkse oppositie vindt een gerichte aanpak niet genoeg en de rechtse partijen stellen dat de regering te weinig doet.”

Het kortetermijnbelang overheerste en nu lijkt dat weer te gebeuren

Zonnepanelen

Bij de meeste landen is de reflex nu om maatregelen te nemen voor de korte termijn, ziet Moscovici. Een handjevol landen kijkt in de eerste steunpakketten wel al naar het afbouwen van de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen.

Zo trekt Kroatië 40 miljoen euro uit voor het subsidiëren van zonnepanelen, thuisbatterijen en warmtepompen. En Frankrijk presenteerde een plan, waar het al langer aan werkte, om versneld minder afhankelijk te worden van fossiele brandstoffen. De Fransen willen in 2030 nog maar 40 procent fossiele energie importeren (tegen 60 procent nu) en huizen van het gas af krijgen met warmtepompen. Ook moeten in 2030 twee van de drie nieuwe auto’s elektrisch zijn.

Maar over het algemeen vindt Moscovici dat veel Europese landen weinig geleerd lijken te hebben van de energiecrisis in 2022, na de Russische inval in Oekraïne. Ook toen werd het belang van minder afhankelijk worden pijnlijk duidelijk.

Destijds gaven Europese overheden in anderhalf jaar tijd na het uitbreken van de energiecrisis 540 miljard euro uit aan noodmaatregelen, berekende de Brusselse denktank Bruegel, waarvan veel geld naar huishoudens ging die dat niet nodig hadden. „Deze kostbare maatregelen hebben onze afhankelijkheid van fossiel niet teruggebracht”, zegt Moscovici. „Het kortetermijnbelang overheerste en nu lijkt dat weer te gebeuren.”

Het lijkt alsof de volle omgang van het probleem nog niet tot Europese overheden doordringt

Halfgeleiders

Niet alleen zijn de lessen van 2022 niet geleerd. „Het lijkt alsof de volle omgang van het probleem nog niet tot Europese overheden doordringt”, zegt Rem Korteweg, handelsspecialist bij denktank Clingendael. Volgens hem onderschatten veel analyses hoe kwetsbaar Nederland als handelsland is voor schokken op de wereldeconomie.

Korteweg verwacht zwaardere effecten dan in 2022. „Dat was een relatief korte piek, deze crisis zal doorsluimeren.” Én nu is het effect mondiaal, waardoor Nederland daar op allerlei manieren last van zal krijgen. „De rantsoeneringen aan de pomp in Azië bijvoorbeeld gaan directe gevolgen hebben voor de spullen die wij daar kopen.” Bijvoorbeeld in de halfgeleiderindustrie, waar chips worden gemaakt voor smartphones en medische apparatuur. „Marktleider Taiwan is voor bijna 50 procent afhankelijk van vloeibaar gas uit Qatar. Dreigende schaarste van helium uit de Golfregio, nodig in het productieproces, komt daar nog bij.” 

Vooralsnog lijkt de reactie van Europese landen op de economische gevolgen van de oorlog versnipperd. Het risico is dat landen elkaar beconcurreren en de effecten (zoals hogere prijzen) versterken, zegt Moscovici. Meer afstemming is daarom essentieel. Grote verschillen in steunmaatregelen kunnen anders bijvoorbeeld de concurrentiepositie van bedrijven binnen Europa verslechteren, waarschuwt CPB.

Maandag maakt het Nederlandse kabinet het steunpakket bekend. Twee dagen later debatteert de Tweede Kamer daarover. Kabinet en Kamer zullen een balans moeten vinden tussen de roep om snel zichtbare maatregelen te nemen en de onzekerheid over de zich nog ontvouwende gevolgen van de Iran-oorlog.

Lees het hele artikel